De kar ingeladen en klaar voor vertrek. Rakker kijkt me aan alsof hij wil zeggen dat wij hem maar niet moeten vergeten. Pien denkt hier vast: Zo, mijn vertrouwde plekje, mij gebeurt niets meer deze vakantie.
Net vertrokken rijden we langs het Oranjekanaal richting Orvelte voor de eerste overnachting. Rakker begrijpt het nog niet helemaal. Alsof hij wil zeggen: Als ik een konijn zie, dan is die het haasje.
Pien in de mand van Rakker, en Rakker in de mand van Pino. Allebei maar in de kar want de bok snapt Rakker nog niet en Pien was gewoon te lui om voorop te komen zitten. En dat voor de eerste dag.
Het geweldige uitzicht vanaf de bok: Een paardenkont en het ongetemde karrespoor.
“Dat jullie nou zo nodig in zo'n sloom dingen willen zitten, prima. Maar moet ik nou echt persé hier onder tafel blijven liggen?”
“Man, zeur niet zo en ga slapen.”
Terwijl we langs het kanaal liepen zag je voornamelijk bomen, bos en begroeiing. Maar zo nu en dan brak het open en kon je dus best ver weg kijken.
De vliegen deken bleef redelijk goed liggen, de kap daarentegen dus niet. De dag erna hebben we maar een touwtje zelf aan de kap gemaakt. Tijdens het rijden steeds de kap goed trekken is ook niet alles.
In Orvelte op de camping, bij mevrouw Vos, is Inge druk bezig met het schrijven van de belevenissen van die dag.
Gesnapt.
“Eigenlijk wilden we allebei in deze mand. Maar het is mij toch iets te gezellig” Aldus Pino.
“Eigenlijk toch best gezellig zo”
Inge loopt even naar de toilet, en Pino en Rakker besluiten om dat meteen op te pakken als excuus voor het maken van een of ander speciaal draad kunstwerk.
En dan is Inge terug en dan zijn de dame en heer natuurlijk buiten zinnen van blijdschap. Alsof ze weken weg is geweest.
“Daar had ik net jeuk...”
Onderweg naar de volgende bestemming. Een aantal omzwervingen en mooie routes staan ingepland. Alleen het weer gooit roet in het eten. Het petje en de jas zijn niet tegen de dazen, Manda heeft haar deken niet eens op zoals je kan zien.
En wat vinden we van het weer?
Een duo zelfportret terwijl de kar voorbij komt en ik stil sta.
's Avonds staan we op de camping van Borger en is Rakker druk bezig met knagen op een bot. Zo druk, dat hij vergeet dat verticaal in je mand niet handig is. Maar het levert wel een leuk plaatje op.
“Mijn bot afpakken? Grrrr...”
“Geef nou!”
Pino wordt hier onzedelijk betast door Grote Smurf.
“Ja, wie hoort er nou in die mand?”
“Doe eens lachen!”
“Ik ben net wakker en ik wil niet op de foto.”
Trek een gekke bek en de hele foto wordt onscherp.
Rakker komt even polshoogte nemen. ”Het baasje doet wel heel erg vreemd.“
Even quality time met Pino.
Ruim 13 maar nog energie voor 5...
Het huifkarren veld op Borger. Aardige mensen en een nette camping overigens.
Onze plek op Borger.
Natuurlijk moeten we ook Rakker even de tijd gunnen om te kunnen spelen.
Spelen doet hij wel, alleen het vangen van een speeltje lukt niet zo goed. Misschien komt het omdat hij steeds veel te laat doorheeft dat hij het speeltje kan vangen...
Het is toch ook een goedzak eerste klas. Hij laat ook echt alles maar gebeuren.
“Shake that booty”
Vanuit de plaats waar de kar staat, kunnen we mooi Manda in de wei zien staan suffen.
“Ik moet schijnbaar nog leren dat ze allebei weer vanzelf terug komen. Nou, ik zou graag zekerheid hebben voor de helft.” Aldus Rakker.
Lekker relaxt.
Dit noemen ze vast een hutje op de hei.
Even lachen naar het vogeltje in de toren.
”Tja, het valt niet mee om stil te blijven staan. Gaaaaap.“, aldus Manda.